Tijdens een symposium op 18 november 2021 georganiseerd door Movisie gingen experts in gesprek over suïcide-preventie onder LHBTI+-jongeren De punten die uit dit symposium kwamen zijn voor een groot deel ook toe te passen op de suïcide-preventie onder jongeren in het algemeen.
Homobelangenorganisaties zijn niet tevreden met het pestbeleid op scholen dat staatssecretaris Dekker gisteren bekend maakte. Er is in het voorgestelde plan te weinig aandacht voor 'jezelf kunnen zijn op school' en identiteitsontwikkeling, en er worden te weinig voorstellen gedaan om het pesten van homo's en lesbiennes tegen te gaan, vinden de belangenorganisaties.
Zowel COC Nederland als EduDivers zijn blij dat er een plan komt om het pesten op school aan te pakken. Maar ze zijn niet tevreden met de aandacht die het bestrijden van pesten van lesbische, homoseksuele, biseksuele en transgender leerlingen daarin krijgt en de generieke insteek van het plan. In de brief van staatssecretaris Sander Dekker wordt uitsluitend opgemerkt dat de aanpak van pesten 'sensitief' moet zijn voor kwetsbare groepen, zoals homojongeren. Die suggestie wordt niet inhoudelijk uitgewerkt.
Een kwart van alle homo- en lesbische leerlingen die wekelijks gepest worden onderneemt een suïcidepoging. Pesten is daarmee de belangrijk- ste reden voor suïcide onder homojongeren. Een algemene pestaanpak gaat ervan uit dat pesten in principe hetzelfde mechanisme is voor alle jongeren. EduDivers is het daar niet mee eens. De onzekerheid in de sociale en seksuele identiteitsontwikkeling speelt volgens de organisatie een centrale rol in het pesten op school. Er moet meer aandacht komen voor de manier waarop jongens met meisjes omgaan, en voor de manier waarop hetero's met homo's omgaan. Het afwijken van traditionele rolpatronen (watjes, jongensachtige meiden) en de onzekerheid over relaties en seksualiteit maken een groot deel uit van het pesten op scholen. "Een algemene anti-pestaanpak die zich alleen richt op 'daders, slachtoffers en meelopers' zonder zich druk te maken om de achtergronden van de onderlinge uitsluiting, zal onvoldoende zoden aan de dijk zetten", aldus EduDivers.
EduDivers is het met de staatssecretaris eens dat een effectieve anti-pestaanpak integraal moet zijn; met andere woorden, dat zowel school- leiders, docenten, ouders en leerlingen betrokken zijn. Maar tegelijkertijd hamert zij op het belang dat de ontwikkeling van identiteit moet worden opgenomen in een kwalitatief goede anti-pestaanpak. Pubers denken zwart-wit en moeten beter leren omgaan met verschillen. Je eigen identiteit vinden is al moeilijk genoeg, maar als deze dan ook nog eens afwijkt van 'de norm', dan is het helemaal lastig. "Wij pleiten ervoor dat 'jezelf kunnen zijn op school' en identiteitsontwikkeling een integraal onderdeel gaat uitmaken van de hoofdlijn in deze anti-pestaanpak", zegt Peter Dankmeijer van EduDivers. "Anders wordt het niet veel meer dan oude wijn in nieuwe zakken".
COC-voorzitter Tanja Ineke vindt het een gemiste kans dat de brief zo weinig aandacht aan LHBT-jongeren besteedt. Het COC stuurde de staatssecretaris en de minister van OCW onlangs een brief met tien samenhangende voorstellen om het pesten van homojongeren te bestrijden, waarvan er niet één onverkort in de brief is overgenomen. In haar brief drong de belangenorganisatie er onder meer op aan dat de regering laat onderzoeken of scholen daadwerkelijk aan de slag gaan met voorlichting over LHBT's, die sinds 1 december 2012 verplicht is. Ook wil het COC dat er in schoolboeken meer aandacht komt voor homo's en lesbiennes, dat er meer voorlichting komt in het middelbaar beroepsonderwijs en dat docentenopleidingen meer aandacht gaan besteden aan LHBT's. Om pesten te voorkomen zou er volgens het COC meer aandacht moeten zijn voor een veilig klimaat voor homo's en lesbiennes op school.
COC Nederland is wel positief over het feit dat een schoolbrede en structurele aanpak van pesten verplicht wordt. Ook het feit dat docenten zullen worden (bij)geschoold in de aanpak van pesten, is winst volgens de belangenorganisatie.
bronnen: GayKrant.nl / COC Nederland / EduDivers
COC Nederland wil meer aandacht voor Homopesten
COC Nederland vindt dat er te weinig aandacht is voor het bestrijden van pesten van lesbische, homoseksuele, biseksuele en trans- gender (LHBT) leerlingen, in de maandag verschenen brief over het pestbeleid van staatssecretaris Dekker. "Juist LHBT-leerlingen hebben buitenproportioneel veel last van pesten", reageert COC-voorzitter Tanja Ineke. "Het is een gemiste kans dat de brief zo weinig aandacht aan deze groep besteedt".
Uit onderzoek blijkt dat driekwart van de LHBT-jongeren te maken krijgt met homopesten en andere antihomo-uitingen. De middelbare school
is geen veilige plek voor jonge homo- en biseksuelen en suïcidecijfers liggen in deze groep tot vijf maal hoger dan gemiddeld. Volgens recent onderzoek is er een direct verband tussen homopesten en het hoge zelfmoordpercentage onder LHBT-jongeren.
Het COC stuurde de staatssecretaris en de minister van OCW op 28 februari jl. een brief met 10 samenhangende voorstellen om het pesten van LHBT-jongeren te bestrijden, waarvan er niet één onverkort in de brief is overgenomen. In haar brief drong de belangenorganisatie er onder meer op aan dat de regering laat onderzoeken of scholen daadwerkelijk aan de slag gaan met voorlichting over LHBT's, die sinds 1 december 2012 verplicht is. Ook wil het COC dat er in schoolboeken meer aandacht komt voor LHBT's, dat er meer voorlichting komt in het middelbaar beroepsonderwijs en dat docentenopleidingen meer aandacht gaan besteden aan LHBT's. Om pesten te voorkomen zou er volgens het COC meer aandacht moeten zijn voor een veilig klimaat voor LHBT's op school.
In de brief van Dekker wordt uitsluitend opgemerkt dat de aanpak van pesten 'sensitief' moet zijn voor kwetsbare groepen, zoals LHBT-jongeren De brief beschrijft niet hoe dat moet gebeuren. COC Nederland is positief over het feit dat een schoolbrede en structurele aanpak van pesten verplicht wordt. Ook het feit dat docenten zullen worden (bij)geschoold in de aanpak van pesten, is winst volgens de belangenorganisatie.
De interventie richt zich op LHBTIQA+-jongeren tussen de 16 en 27 jaar die "suïcide-gedachten" hebben. Dit soort gedachten zijn namelijk een veelvoorkomend probleem bij LHBTIQA+-jongeren. Misschien herken jij zelfs jezelf hierin. Het doel is om door middel van "8 chatsessies" met een getrainde behandelaar van PratenOnline deze gedachten over zelfdoding te verminderen. Naast deze chatsessies helpen ook huiswerkopdrachten om inzicht te krijgen in je problematiek.
Aanmelden
Dus ben je LHBTIQA+'er of twijfel je hierover ?!"Denk je regelmatig aan zelfdoding", en ben je tussen de 16 en 27 jaar ?!"Doe dan mee aan eenonline behandeling" en onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen en PratenOnline. De hulpverleners van 'PratenOnline' denken met je mee in een online behandeling van 8 sessies.
Hanneke Felten van Movisie is uitgeroepen tot Lesbicoon 2013. Zij is winnaar van de landelijke verkiezing voor een rolmodel die zich openlijk inzet voor de emancipatie van lesbische, biseksuele, trans- en queer vrouwen. De andere twee genomineerden uit de top drie waren Barbara Barend en Marije Janssen. Winnaar in 2012 was Ellie Lust, politiewoordvoerder en voorzitter van Roze in Blauw.
Hanneke Felten is één van de ontwikkelaars van www.iedereenisanders.nl, een nieuwe website voor lesbische, homoseksuele, biseksuele en transgender jongeren van Movisie en COC Nederland. Daarnaast schreef zij voor hulpverleners de handreiking "Ik wou dat ik dood was", om suïcide onder LHBT-jongeren te verminderen. Eerder deed zij met Judith Schuyf onderzoek naar geweld tegen lesbische vrouwen. Hanneke is naast haar werkzaamheden voor Movisie voorzitter van FemNet, het emancipatienetwerk van Groen Links. Ze heeft met haar medebestuurs- leden o.a. de mogelijkheid van afschaffing van registratie van geslacht en lesbisch ouderschap op de politieke agenda gezet.
Op 19 april presenteert Hanneke Felten tijdens het V/M-debat haar nieuwe publicatie "Kijk jij al door een roze bril ?!" Movisie heeft dit boekje ontwikkeld om sociaal werkers en andere hulpverleners uit te dagen een 'roze bril' op te zetten !! Dit om te kunnen zien dat veel LHB's zich onzichtbaar maken uit angst of om problemen te voorkomen. Dit doen zij op straat, op school, in zorgcentra en in de buurt, maar ook bij hulp- verleners.
Movisie vindt het daarom belangrijk dat hulpverleners en andere professionals die met jongeren werken vaker bijgeschoold worden in het be- geleiden en ondersteunen van met name LHBT-jongeren. Hanneke Felten: "Dit vinden we een hiaat. Als ik een training geef over het onderwerp zeggen beroepskrachten vooraf vaak dat zij nauwelijks LHBT-jongeren in hun werk tegenkomen. Maar als zij zich vervolgens in de thematiek verdiepen, is de conclusie meestal dat de doelgroep nog te vaak over het hoofd wordt gezien. Doordat op opleidingen en binnen organisaties genderidentiteit en seksuele voorkeur nauwelijks een thema zijn, sturen we hulpverleners nu met een kluitje in het riet".
De kroning van de Lesbicoon vond plaats tijdens het Lesbian Festival in Den Haag en is een initiatief van Stichting OndersteBoven. De verkiezing heeft als doel lesbische en biseksuele vrouwen op een krachtige manier zichtbaar te maken.
Sex sells, klinkt een aloude waarheid, maar onderzoek is
vaak het omgekeerde van sexy. Het reduceert een activiteit die voor de meeste
mensen doorgaans leuk is tot een droog studieobject met cijfers, statistieken
en percentages. Toch is het belangrijk om ons af en toe te verdiepen in het
hoe, waarom en hoeveel van seksualiteit.
Bij het bestuderen van biseksualiteitzijn er in het
verleden enkele struikelblokken geweest. De eerste vraag is al meteen prangend:
wat verstaan we onder biseksualiteit ?! Hoe definiëren we het ?! Is biseksualiteit
een gedrag of een label dat mensen zichzelf aanmeten ?!
Struikelblokken bij studies
In de praktijk blijkt dat in een anonieme of veilige
setting, bijvoorbeeld bij naamloze online enquêtes, het percentage mensen dat
zichzelf als biseksueel beschouwt veel hoger ligt dan bij niet-anonieme
bevragingen. Daardoor is de te bestuderen groep niet steeds duidelijk
afgelijnd. Het zegt uiteraard ook iets over de nog steeds bestaande angst om
zich als biseksueel te outen.
Een tweede punt is dat biseksuele mensen in vorig onderzoek
vaak niet als aparte groep werden beschouwd. Biseksuele vrouwen werden dan
gewoon bij lesbische vrouwen gerekend, terwijl biseksuele mannen dan weer samen
met homomannen werden bestudeerd. Op zich is dat niet per definitie verkeerd,
omdat beide groepen raakvlakken hebben. Dit soort onderzoek negeert echter de
specifieke noden en/of pijnpunten die gelden voor bi's (maar niet noodzakelijk
voor homo's en lesbiennes).
Een derde struikelblok, dat samenhangt met de vorige twee,
is dat de perceptie die de buitenwereld heeft niet noodzakelijk overeenstemt
met de seksuele identiteit van het individu. Kort gezegd: iemand in een
homorelatie wordt als homo beschouwd en iemand in een heterorelatie wordt als
hetero beschouwd, los van het feit of de persoon in kwestie het daarmee eens
is. In het Engels worden de termen 'Bi Invisibility' en 'Bi Erasure' wel
eens gebruikt om dit fenomeen te beschrijven. Dit betekent dat, zelfs bij
onderzoek, sommige mensen gewoon over het hoofd worden gezien.
Bovendien wordt het hele verhaal nog complexer wanneer
genderidentiteit in de mix wordt gegooid. Zal iemand die zelf niet netjes in
het hokje van man of vrouw past voor de term 'biseksueel' kiezen, of zal de
keuze eerder naar een ander label gaan, zoals panseksueel ?!
Zetten we
panseksualiteit onder dezelfde noemer als biseksualiteit, of bezien we het als
aparte seksualiteiten ?! Vaak leidt een vraag niet tot een antwoord, maar tot
meer vragen.
Vooroordelen
De reden waarom het belangrijk is om bi's in sommige
gevallen als aparte groep te behandelen, is omdat er vaak specifieke
vooroordelen zijn tegen biseksuele mensen. Deze vooroordelen kunnen ook van
homo's en lesbiennes komen, niet enkel van hetero's. Al deze vooroordelen
tegenover bi's noemen we bifobie. Deze kan zich uiten op meerdere manieren.
Een vooroordeel dat nog vaak voorkomt is de aanname dat
biseksualiteit gewoon niet bestaat. Dit leidt tot de ontkenning van het bestaan
van biseksuele mensen. Je bent dan óf een homo/lesbo die het (nog) niet wil
toegeven óf een hetero die wat experimenteert. Vroeg of laat zal je 'echte' identiteit dan wel bovenkomen. Het idee dat biseksualiteit 'een fase' is, is
nog steeds redelijk wijd verspreid.
Andere vooroordelen zijn bijvoorbeeld dat bi's ontrouw of
promiscue zouden zijn, meerdere partners tegelijk zouden willen hebben, of
onwillig zouden zijn om verbintenissen aan te gaan. Hoewel sommige bi's voor
polyamorie kiezen, zijn er ook heel wat die kiezen voor een klassiek monogaam
huwelijk met één partner.
Deze vooroordelen kunnen zich op meerdere manieren uiten.
Het kan gaan om een datingprofiel dat specifiek verkondigt dat bi's niet moeten
reageren - maar het kan ook om ergere dingen gaan, bijvoorbeeld biseksuelen die niet
welkom zijn op een holebi-evenement wanneer ze hun heteropartner bij zich
hebben.
Specifieke noden
Biseksuelen hebben wel degelijk hun specifieke noden en
problematieken. Uit een Canadese studie bij ongeveer 160.000 personen bleek
dat:
- Bi's een slechtere fysieke gezondheid hebben ten opzichte van hetero's;
- Bi-vrouwen (net zoals homomannen) meer chronische aandoeningen hebben dan
hetero's;
- Bi-mannen en in het bijzonder bi-vrouwen een slechtere mentale gezondheid
rapporteren;
- Een vierde van de bi-vrouwen zelfs een stemmingsstoornis rapporteert.
Bovendien blijkt uit een ander, Amerikaans onderzoek met
12.000 participanten dat volwassen bi's vaak te maken hebben met stress wat
betreft het 'zichtbaarheidsmanagement' dat gepaard gaat met hun eigen
seksualiteit.
Volgens datzelfde onderzoek blijkt dat bi-jongeren vaker
risico lopen op vlak van mishandeling, suïcide, depressie, drinken en
delinquentie. Een interessant element is dat dit ook geldt voor de groep
jongeren die zich als 'eerder heteroseksueel' bestempelt. Ze krijgen minder
steun en informatie dan zowel homo-als heterojongeren.
Uit de Zzzip2-steekproef blijkt dat bi-jongeren:
- gemiddeld hoger scoren op depressie dan heterojongeren;
- gemiddeld minder open zijn over hun seksuele voorkeur dan homo's of
lesbiennes;
- zich gemiddeld minder identificeren met holebi's als groep in de samenleving;
- minder vaak een band hebben met andere holebi's of blij/trots zijn om bij die
groep te horen;
- gemiddeld hoger scoren op geïnternaliseerde homonegativiteit.
Een ander interessant gegeven is dat seksuele oriëntatie, of
in elk geval de zelfidentificatie van seksuele identiteit, niet per definitie
onveranderlijk is binnen een mensenleven. Twee derde van de bevraagde vrouwen
in het 'fluïde' spectrum veranderde minstens één keer in hun leven van
zelfidentificatie.
In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt, outen
biseksuele jongeren zich doorgaans later dan homoseksuele leeftijdsgenoten,
maar doorgaans is een coming-out na het dertigste levensjaar eerder een
uitzondering.
Gecompliceerd ?!
Complicated ?! is de naam van een onderzoek uit het
Verenigd Koninkrijk, dat eind mei 2015 is uitgekomen. Het legt de focus op de
beleving van biseksuele mensen in relatie met hun ervaringen met (openbare)
diensten. Dit recente onderzoek bracht toch een aantal opmerkelijke,
verontrustende statistieken naar boven.
Volgens dit onderzoek:
- delen biseksuele mensen maar zelden hun geaardheid met dienstverleners
(bijvoorbeeld een huisarts) uit angst voor negatieve reacties;
- zegt de meerderheid dat ze zich gedwongen voelen om zich óf als hetero óf als
homo/lesbienne voor te doen bij het gebruik van diensten;
- heeft 48% bifobie ervaren en heeft 38% ongewenste seksuele commentaren
gekregen over hun biseksualiteit bij het gebruik van diensten;
- waren holebi-en transgerelateerde diensten en de NHS (de Engelse nationale
gezondheidsdienst, n.v.d.r.) de grootste boosdoeners wat
betreft bifobie;
- heeft 61% meerdere gevallen van discriminatie meegemaakt;
- rapporteerde 35% van de ondervraagde bi's dat ze een handicap hebben.
Eén vrouw rapporteerde zelfs dat een verpleegster haar
weigerde te behandelen vanwege haar biseksualiteit.
De meerderheid van de ondervraagden had niet het gevoel bij
een biseksuele gemeenschap te horen, noch bij een homo- of hetero-gemeenschap.
Nieuwe generatie
Gelukkig is niet alles kommer en kwel. Jongeren, zeker jonge
meisjes, gebruiken vaker het label biseksueel bij zelfidentificatie en zijn
hier uitgesprokener over. Men is zich ook binnen de HoLeBi-bewegingen meer
bewust van het bestaan van biseksualiteit.
Zowel in België en Nederland als in Europa zijn er meerdere groepen die
werken rond biseksualiteit. In augustus vindt in het Verenigd Koninkrijk BiCon plaats,
een conferentie/congres voor en over bi's. Het is momenteel het grootste event
in Europa, dat jaarlijks plaatsvindt sinds 1984. In 2016 zijn er
grootse plannen in Nederland: "Een European Bisexual Research
Conference (28 juli 2016) en een European Bisexual Conference (29-31
juli 2016) op de Universiteit van Amsterdam".
De campagne gericht op LHBTI–jongeren is onderdeel van het
beleid van staatssecretaris Paul Blokhuis van VWS om het aantal zelfdodingen en
pogingen daartoe terug te dringen.
Paul Blokhuis stelt in totaal 15 miljoen euro beschikbaar voor
onderzoek en lokale initiatieven om zelfdodingen te voorkomen.
113
Daarnaast krijgt de Stichting'113'Zelfmoordpreventie jaarlijks twee
miljoen euro extra subsidie. De stichting heeft onder meer een website eneen
telefoonnummer waarop mensen met suïcidale gedachten of gevoelens
terechtkunnen. Ze krijgen er hulp van professionals en vrijwilligers.
Jongerenwerkers,docenten,huisartsen en andere professionals werden in Atolplaza in Lelystad, bijgespijkerd over ze hoe LHBTIQ+-jongeren kun- nen ondersteunen. Volgens Bureau Gelijke Behandeling is dat nodig. Want veel Flevolandse professionals weten de problematiek, zoals depressie en suïcide, vaak niet te herkennen.
Sommige LHBTIQ+-jongeren inde provincie kunnen soms thuis, opschool of indeeigen kringmoeilijk overhun problemen praten. Ervarings- deskundige Thom Laagkemper: "Als jongeren nergens hun ei kwijt kunnen, dan is een sportverenigingofwelzijnsvereniging vaak een 'veilige plek' om Uit de Kast te komen". Maar dan is het wel belangrijk dat je de signalen opvangt.
Vandaag is het voor de derde keer Paarse Vrijdag. Leerlingen en docenten van maar liefst 450 van de 680 middelbare scholen in Nederland vragen hun medeleerlingen die dag paars te dragen tegen homo- en transfobie. Zij delen die dag 120.000 paarse pols- bandjes uit.
Nathan (18), leider van de Gay Straight Alliantie (GSA) op zijn school, het Unic in Utrecht, pakt het groots aan. 'Ik wil laten zien dat ik en vele anderen op mijn school vinden dat iedereen zichzelf moet kunnen zijn, of ze nu homo, hetero, lesbisch, bi, transgender of in dubio zijn'.
Om zoveel mogelijk jongeren te bereiken heeft het GSA Netwerk drie promofilmpjes gemaakt. In de filmpjes komt de omgeving op een ludieke manier op voor LHBT’s die te maken krijgen met homo- en transfobie. Het eerste filmpje staat onderaan dit artikel. In de aankomende week worden de twee andere filmpjes verspreid via de facebookpagina van het GSA-Netwerk: www.facebook.com/GSANL
Een statement tegen homofobie is op Nederlandse scholen nog hard nodig. In Amsterdam accepteert bijvoorbeeld een vijfde van de scholieren tussen de 13 en 14 jaar oud homoseksualiteit bij medescholieren niet. "Zeker de helft van alle leerlingen zegt dat het op hun school niet veilig genoeg is om uit de kast te komen en net zoveel leerlingen zegt een probleem te hebben met openlijke homoseksualiteit", zegt Geert-Jan Edelenbosch, projectleider jongeren en onderwijs bij COC Nederland.
Paarse Vrijdag is een idee uit de VS. Daar droegen leerlingen door heel het land paars om stil te staan bij de reeks zelfmoorden onder homojongeren. In Nederland is suïcide onder homojongeren ook een probleem. De helft van alle homojongeren denkt weleens aan zelfmoord en het aantal suïcidepogingen ligt bij LHBT-jongeren ligt tot 5 maal hoger dan bij hun heteroseksuele leeftijdsgenoten.
De app is opgericht door COC – de oudste nog bestaande LHBTIQ+ belangenorganisatie ter wereld – als reactie op de specifieke mentale problemen waarmee sommige 'Queer jongeren' worstelen. Via de app kunnen jongeren tot en met 18 jaar in een veilige omgeving in contact komen met gelijk- gestemde leeftijdsgenoten, en elkaar ontmoeten.
"Haatmisdrijven tegen de LHBTIQ+-gemeenschap" zijn nog volop aanwezig en de mentale impact is groot. Een veilige plek voor jongeren is daarom hard nodig. LHBTIQ+-jongeren hebben twee keer zoveel kans op mentale gezondheidsproblemen en 4,5 keer meer kans op een suïcide-poging dan hun Heteroseksuele en Cisgender-leeftijdsgenoten.
Homobelangenorganisaties zijn niet tevreden met het pestbeleid op scholen dat staatssecretaris S. Dekker afgelopen week bekend maakte. Er is in het voorgestelde plan te weinig aandacht voor 'jezelf kunnen zijn op school' en identiteitsontwikkeling, en er worden te weinig voorstellen gedaan om het pesten van homo's en lesbiennes tegen te gaan, vinden de belangenorganisaties.
Organisaties als COC Nederland, EduDivers, maar ook Embrace Pink zijn blij dat er een plan komt om het pesten op school aan te pakken. Maar ze zijn niet tevreden met de aandacht die het bestrijden van pesten van lesbische, homoseksuele, biseksuele en transgender leerlingen daarin krijgt en de generieke insteek van het plan. In de brief van staatssecretaris Sander Dekker wordt uitsluitend opgemerkt dat de aanpak van pesten 'sensitief' moet zijn voor kwetsbare groepen, zoals homojongeren. Die suggestie wordt niet inhoudelijk uitgewerkt.
Een kwart van alle homo- en lesbische leerlingen die wekelijks gepest worden onderneemt een suïcidepoging. Pesten is daarmee de belangrijk- ste reden voor suïcide onder homojongeren. Een algemene pestaanpak gaat ervan uit dat pesten in principe hetzelfde mechanisme is voor alle jongeren. EduDivers is het daar niet mee eens. De onzekerheid in de sociale en seksuele identiteitsontwikkeling speelt volgens de organisatie een centrale rol in het pesten op school. Er moet meer aandacht komen voor de manier waarop jongens met meisjes omgaan, en voor de manier waarop hetero's met homo's omgaan.
Het afwijken van traditionele rolpatronen (watjes, jongensachtige meiden) en de onzekerheid over relaties en seksualiteit maken een groot deel uit van het pesten op scholen. "Een algemene anti-pestaanpak die zich alleen richt op 'daders, slachtoffers en meelopers' zonder zich druk te maken om de achtergronden van de onderlinge uitsluiting, zal onvoldoende zoden aan de dijk zetten", aldus EduDivers. Embrace Pink sluit zich hierbij van harte aan.
GroenLinks wil dat naar voorbeeld van de Amsterdamse instelling 'Veilige Haven' ook in Utrecht een opvangplek wordt gecreëerd voor bi-culturele LHBT's die moeite hebben om zichzelf te kunnen zijn.
Uit het rapport 'Jezelf kunnen zijn in Utrecht' blijkt dat bi-culturele LHBT's vaak moeite hebben om hun geaardheid bespreekbaar te maken. Daarom wil GroenLinks dat er een instelling komt in Utrecht waar deze groep ondersteuning kan krijgen. "Als je in een gemeenschap opgroeit waarin LHBT als zieken of zondigen worden gezien, is de kans groot dat je dit oordeel internaliseert. Onder deze groep is dan ook een verhoogde kans op psychosociale problemen, depressie, suïcide, verslaving en - mede door uit huis zetting - schulden", aldus GroenLinks-raadslid Tara Scally.
Veilige Haven
De Amsterdamse instelling 'Veilige Haven' biedt ondersteuning aan jongeren, mannen en vrouwen uit multicultureel Amsterdam en omstreken die een plek zoeken waar ze terecht kunnen met hun homo-, biseksuele-, lesbische- of transgender-gevoelens. Ook Utrechtse bi-culturele LHBT's gaan nu vaak naar de 'Veilige Haven' in Amsterdam.
Scally: "De huidige hulpverlening in Utrecht is gericht op uit de kast komen, dat is voor LHBT's met een bi-culturelen achtergrond vaak geen voor de hand liggende optie vanwege hun thuissituatie en cultuur, dus de hulpverlening sluit onvoldoende aan op de situatie en behoeften van de doelgroep".
Roze stembusakkoord
Vrijdag is het een jaar geleden dat het Roze Stembusakkoord werd gesloten. Dit initiatief van GroenLinks werd nagenoeg raadsbreed aangenomen. Vrijdagavond vindt er een debat plaats over dit Roze Stembusakkoord.
Eerder werd op initiatief van GroenLinks het regenboogzebrapad aangelegd om de diversiteit van Utrecht te laten zien. Scally: "In Utrecht mag je zijn wie je bent en moet je je veilig kunnen voelen om dit uit te dragen, altijd en overal. Vrijheid om jezelf te zijn in Utrecht moeten we bewaken en bevechten, daar zal GroenLinks altijd aandacht voor blijven vragen".